Desksurfen III: Groen Links Leiden

Eline Levering nodigde mij uit om te komen desksurfen in de Burgsteeg. Groen Links heeft er de maand voor de verkiezingen haar ‘campagnewinkel’. Eline is zelf niet aanwezig, maar Pieter Kos bewaakt de winkel. Hij is fractievoorzitter in Leiden en ik volg hem al behoorlijk lang op Twitter. Leuk om hem nu eens in het echt te ontmoeten!

Pieter legt me uit wat de campagne insteek is van Groen Links. Kort gezegd: inzoemen op de link tussen de landelijke politiek en de lokale belangen.  Groen Links staat bij 30% van de kiezers op de 2e plaats, begrijp ik van Pieter Kos. Ook bij mij, moet ik bekennen. Ik vraag me daardoor weer eens af of het  concept van één stem uitbrengen op één partij eigenlijk niet achterhaald is. Wie is het nu volledig eens met een partij? Een meerstemmen stelsel zorgt volgens mij voor minder polarisering, want het vervreemden van de kiezers van een andere partij heeft wel consequenties.

Edgar van de Burgt is vandaag als vrijwilliger aanwezig in de campagnewinkel. Hij is net terug van een lange reis en heeft nu de tijd om zich voor zijn partij in te zetten. Ondertussen zoekt hij naar een nieuwe baan, bij voorkeur in de Public Affairs. Hij vertelt me meer het vinden van de doelgroep.  In steden hebben we ‘bakfietsen’ en ‘gesloten luiken’. Waarbij de Groen Links stemmer dus eerder op een bakfiets te vinden is, dan achter een gesloten luik. Een beetje kort door de bocht, hoe ik het nu uileg, maar een dergelijke manier van kijken kan volgens mij goed werken bij het herkennen van de potentiële Groen Links stemmer.

Als Edgar voor de winkel gaat zitten in de steeg, komt er al gelijk meer aanloop. De zwevende kiezer, maar ook Groen Links stemmers van het eerste uur spreken hem aan of lopen binnen. Of moet ik het in het laatste geval hebben over PPR of CPN stemmers? Het doet me realiseren dat Groen Links eigenlijk nog niet zo oud is. Althans, voor een politieke partij. Toch zijn ze er bij mij in geslaagd een duidelijk beeld neer te zetten waar ze voor staan. En de PPR, PSP of de CPN, die lijken wel 50 jaar geleden en niet ‘maar’ 20.

Om 17.00 sluit de winkel, vanavond is er een fractievergadering en ik begrijp goed dat Pieter tussendoor ook nog even wil ‘luchten’. Politiek kost erg veel tijd, zeker in deze periode. Ik heb zelf nog best wat werk verzet en tussendoor erg leuke interessante gesprekken gehad. Groen Links heeft absoluut mijn sympathie. Ik wil een kiesstelsel waarin ik drie stemmen voor en drie stemmen tegen kan verdelen over verschillende partijen. Dan worden dat er waarschijnlijk twee voor D66 en een voor Groen Links en de tegenstemmen laten zich raden. Zou dat eigenlijk werkbaar zijn?Image

Advertisements

Desksurfen deel II: Symbaloo

Afgelopen dinsdag was mijn werkplek bij Symbaloo in Delft. Wat meteen opviel was het contrast met LiveHouse: er werken alleen maar mannen. Ik was al gewaarschuwd voor programmeurshumor. Maar ik houd wel van geeks, dus dat leek me geen probleem.

Van manager Sander Vessies kreeg ik een korte rondleiding. Het grappige van internet bedrijven vind ik ondermeer dat ze met een klein team, mondiaal bereik hebben. Symbaloo is gehuisvest in een mooi oud pand in Delft, maar daarnaast ook aan de westkust van de VS.

Het bedrijf biedt voor iedereen een eigen online startpagina. Ze hebben inmiddels een app voor verschillende mobiele telefoons en tabloids. Het bedrijfje levert ook white label oplossingen aan scholen, ook in de US. Dat biedt veel kansen in een enorme markt, dus ik ben benieuwd hoe groot ze gaan worden.

Anders dan bij de LiveHouse, krijg ik niet eerst een rondleiding langs het koffie apparaat. Nee, we beginnen gelijk een geanimeerd inhoudelijk gesprek over de doelgroepen van Symbaloo en het profiel van de gemiddelde gebruiker. Daarna komt de koffie, die overigens prima smaakt.

Vlak voor de lunch komt er iemand langs met de vraag: “Willen jullie nog wat van Bram?” Dinsdag is blijkbaar snackbar dag. Maar gelukkig gaat er ook nog een collega langs de supermarkt. De lunch is er gezellig en nog beter is het potje tafelvoetbal erna. Ik durf niet mee te doen, want als je met 10 punten verliest moet je onder de tafel door kruipen. Mijn kamergenoten verliezen van de buren, maar gelukkig blijven ze gezellig.

Van programmeurshumor heb ik niets gemerkt, maar gelukkig wel gesprekken gehoord die ik net niet helemaal begreep over ITachtige webdingen. Ook heb ik veel werk kunnen verzetten. Eind van de dag wachte mij een heerlijke wandeling naar het station door het zonnige centrum van historisch Delft. De mannen van Symbaloo hebben dan hun dagelijkse Skype gesprek: met hun collega’s aan de andere kant van de wereld in Silicon Valley.

Desksurfen deel I: Live Online Events

Maandag mocht ik desksurfen op de werkplek van Gerdie, de eigenaar van LiveOnlineEvents in het pand van LiveHouse. Haar kamergenoot Marloes is ook op vakantie, wel ongezellig. Maar mijn doel vandaag is weer goed op gang komen na de vakantie. Met uitzicht op de tuin maar wel tussen de hard werkende mensen moet dat lukken!

Wat is desksurfen? Een andere werkplek zoeken, waar je met je laptop op de wifi aan de slag kan in ruil voor de waarde die je terug kan of wil geven. Mijn vorige desksurf ervaring was toen Bruno Elshout bij mij kwam desksurfen. Hij bracht in ruil voor de werkplek ingredienten voor pannenkoeken mee. Ik bakte de pannenkoeken en in ruil daarvoor maakte hij een mooie profiel foto van mij.

Deze werkplek zit bij LiveHouse, in Leiden. LiveHouse is mijn favoriete evenementen bureau. Waarom? Omdat ze begrijpen dat een evenement moet passen in de context. En ze helpen je een evenement neer te zetten dat een krachtige interventie is, waarvan het positieve effect nog een tijd voelbaar blijft. Dat doen ze door soepel samen te werken en flexibele in te spelen op je behoeften als klant. Klinkt misschien wel erg lovend, maar ik overdrijf niet.

Vandaag mag ik ervaren hoe het er achter de schermen toe gaat. En ik had me voorgenomen om daar een interessante blog over te schrijven. Maar ja, wat dan? Want het is er zo leuk als je verwacht. Hard werkende gezellige mensen, samen buiten aan de lunchtafel, grappen en persoonlijke weekeindverhalen. Dezelfde positieve sfeer die ik al geproefd en in de samenwerking. Niets spannends om een blog over te schrijven.

Maar eigenlijk wel… want hoe uniek is deze plek in Leiden met deze fijne werksfeer? Ik mag vaker terugkomen. Gelukkig! En dat zeiden ze voordat ik dit schreef.

Mijn schoenenwinkel wordt nooit als Zappos

Er is een schoenenwinkel in de Jordaan waar ik al jaren kom, het was de eerste winkel waar ik uit meer dan 2 kleuren flatjes kon kiezen. Er was ook een periode dat ik er niet meer heenging. Ik was uitgeweken naar nieuwe grote matenwinkels voor schoenen, ze hadden me weggejaagd door hun vijandige houding.

De eigenaar van de winkel heeft net als ik schoenmaat 45 en ze runt de winkel met haar moeder. Ik ben geïntrigeerd door de manier waarop ze met elkaar en klanten omgaan. In het begin praatten alleen snauwend tegen elkaar, en toen ik een keer met mijn vier zussen op ‘zussendag’ binnenkwam, was het zeer duidelijk dat we met teveel waren. Dat was voorlopig de laatste keer dat ik er kwam.

Jaren later was ik toevallig in de buurt en ben ik er toch maar weer eens gaan kijken. De houding tegenover elkaar en tegenover de klanten was veranderd. Het leek alsof ze een cursus gedaan hadden. Dat maakt het toch prettiger om er te zijn en kom ik er wel weer vaker.

Ook vandaag was ik er. De moeder heeft een bijna te serviele houding, ook tegenover haar dochter. Maar toen er een meneer de winkel binnenkwam, viel dit laagje dienstbaarheid gelijk van haar af. Hij liep door naar de balie, terwijl zij een aantal keren vroeg: ‘ Kan ik u helpen.’  Snel werd ze geïrriteerd, omdat hij niet haar aansprak, maar haar voorbij liep richting haar dochter aan de balie. Waarom negeerde hij haar??? Hij bleek haar niet te verstaan, want vroeg in het Engels: ‘Can I buy a smal plastic bag?’

Dat was te veel: het idee alleen al dat hij haar eerst negeerde en vervolgens een plastic zak wilde kopen!? Zij kon toch niet weten dat hij Engels sprak!? De meneer vertrok weer, schijnbaar onaangedaan. Schoenen verkopen wil ze wel, maar de mensen in de winkel helpen….? Geen Zappos dus…

Op mijn achterhoofd gevallen.

Afgelopen jaar heb ik leren schaatsen. Ooit had ik een beetje rondgekrabbeld op geleende ijshockeyschaatsen en was een paar keer struikelend op hoge noren het ijs op geweest. Maar daar had ik voornamelijk blauwe knieën aan overgehouden. Vorig jaar stond het hele gezin op het ijs en ik stond aan de kant.

Als ik ooit wil leren schaatsen moet het nu! Dacht ik, toen ik een aanbieding zag voor schaatsles voor beginners. Dus ik besloot me in te schrijven. Met lood in mijn schoenen fietste ik uiteindelijk in oktober naar de eerste les. Strompelend langs de borden van de schaatsbaan deed ik mijn eerste rondjes.

Mijn derde en vierde rondje gingen beter. En aan het einde van het uur, was ik aan het schaatsen!!! Groot was mijn blijdschap, dit ging beter dan ik ooit had durven dromen. In de kerstvakantie sleepte ik mijn kinderen naar de schaatsbaan en we stonden inderdaad met de hele familie op het ijs.

Maar als je dan een tijdje les hebt, blijkt kunnen schaatsen alleen niet genoeg. Je moet meer: de druk wordt opgevoerd. En in januari en februari vond men dat ik pootje over moest leren. “Dit jaar niet.” hield ik stug vol. 1 horde per jaar op schaatsgebied vond ik wel genoeg.

Maar toch begon ik mezelf er geestelijk op voor te bereiden en uiteindelijk ook lichamelijk een beetje. Zodat ik tijdens de voorjaarsvakantie een keer niet steppend maar schaatsend de bocht door probeerde te gaan. Maar dat ging niet helemaal goed, zodat ik plotseling op mijn achterhoofd terecht kwam (vermoedelijk omdat ik van schrik een wave-beweging maakte).

En dan is een schaatsbaan heel erg hard! Door mijn hoofd flitsten een hersenschudding, maanden uit de running, mijn arbeidsongeschikheidsverzekering (was er weer blij om) en al het werk dat bij KLM op me lag te wachten. Ik had immers net een nieuwe opdracht!

Gelukkig viel het mee, meer dan een beurs hoofd en de schrik bleek ik er niet aan over te houden. Maar die schrik deed mij wel denken: nieuwe dingen leren is leuk en houdt je scherp , maar het is ook belangrijk om de risico’s een beetje onder controle te houden. Volgend jaar draag ik een helm.

 

Duurzame dilemma’s

Afgelopen anderhalf jaar ben ik betrokken geweest bij de publiekscommunicatie over biodiversiteit door mijn opdracht bij NCB Naturalis. Duurzaam, Fair Trade, CSR, MVO en de biodiversiteit, het houdt me bezig.

Bij de partner van NCB Naturalis voor het Jaar van de Biodiversiteit, IUCN wordt uitgebreid onderzoek de manier waarmee we met de natuurlijke hulpbronnen van de aarde om gaan. En zoals de Wombat terecht zegt: We have only one earth. Door het contact met IUCN kwam ik ook steeds meer te weten over het effect van het menselijk gedrag op de aarde. En was geschokt over sommige voorbeelden van onwetendheid en kortzichtig gedrag die ik hoorde. Zoals de persoon op een groot schip die als opdracht kreeg om 12 koelkasten in de oceaan te gooien.

Als ik boodschappen ga doen denk ik altijd na over mijn inkopen, ik recycle papier, doe de kraan snel uit als ik mijn tanden poets en probeer biobezig te zijn, zodat de Biodiva trots op me kan zijn. Maar, hoe meer ik weet, hoe moeilijker het lijkt en hoe meer ik me besef dat je als individu niet kan overzien welk effect je hebt. Bovendien realiseer ik me dat onze gedragsverandering echt lang gaat duren, waarschijnlijk een generatie. En dat grote organisaties en instituten een belangrijke rol spelen in dit proces. Het gaat dus nog jaren duren voordat we echt duurzaam kunnen leven. Maar is het dan niet te laat?

Niets is moeilijker dan je gedrag te veranderen. Ik heb een set recepten in mijn hoofd met courgette of sperziebonen en ga dan maar iets met pompoen of koolraap koken, omdat het december is. En mij kinderen hebben na een paar dagen echt wel genoeg van de pompoen en de witte kool. Bovendien hebben de meeste recepten in Nederland als hoofdbestanddeel vlees of vis. Maar als je daar vanaf wijkt hoe weet je dat je de juiste voedingsstoffen binnen krijgt? En ondertussen ik draag af en toe panty’s, terwijl ik weet dat er binnen de kortste keren een ladder in komt en ik ze weg moet gooien. En als er geen biologisch schoonmaakmiddel voor handen is, koop ik toch een middel met heel veel chemische ingrediënten waarvan ik de effecten niet kan overzien. Bioheilig ben ik dus nog lang niet.

Natuurlijk is er de seizoensgroente kalender en de G&F app die me helpen bij mijn keuzes  (ook in de App-store). En als ik volgende keer De Stoere Vrouwen http://www.stoerevrouwen.nl/ tegenkom, ga ik bij ze op de sofa voor duurzaam advies.

Ik maak me zorgen om het beleid van het huidige kabinet, maar ik troost me met de gedachte dat we ons afval niet meer in de tuin begraven. Toen ik in 1986 in Leiden ging studeren kwam volgens mij het riool op sommige plaatsen nog in de gracht uit (of was dat een broodje-aap-verhaal?), dat kan je je nu toch niet meer voorstellen? Het vergroten van het bewust zijn van mensen en daarmee het realiseren van een gedragverandering is mogelijk, maar kost tijd. Als ik alle mooie initiatieven op het gebied van duurzaamheid bij zie moet ik wel geloven dat het alleen maar de goede kant op gaat. En zoals ik Louise Vet een keer hoorde zeggen: ‘Ik kies er voor optimistisch te blijven, negatief denken is voor mij gewoon geen optie!’

Welke duurzame dilemma’s heb jij?

Netwerken is een vage bedoeling

Iedereen heeft het er over, netwerken. Het lijkt wel een eerste levensbehoefte geworden. En iedereen heeft er een ander beeld bij. Vroeger dacht ik bij netwerken aan mannen met pakken en visitekaartjes, die blaatverhalen tegen elkaar houden en beloven elkaars rug te krabben, mits wederzijds. Nu denk ik bij netwerken aan Open Coffee’s, Linkedin en Twitter.

Netwerken vind ik leuk! Dat ontdekte ik door The NetworKing inspirerende spreker, met een zeer Amerikaans verhaal (maar iemand waarvan je het kan hebben), waardoor ik inzag dat je kunt netwerken vanuit je hart. Zo kwam ik er achter dat ik al jaren netwerkte zonder het te weten. Door contact te houden met leuke mensen, die ik inspirerend vind om te spreken.

Toen ik zelfstandig ondernemer werd, werd netwerken opeens een manier om aan opdrachten te komen. Het leuke is dat ik in de periode tussen twee opdrachten erg veel tijd heb om het te doen. Minder leuk is dat het opeens een nieuwe dimensie krijgt, die ervoor zorgt dat de vrijblijvendheid er af is.

Social media maken netwerken erg makkelijk. Maar met meer dan 1500 volgers op Twitter, meer dan 900 connecties op Linkedin en de door mij gestarte Linkedingroep New Girls Network is het aanbod van leuke en inspirerende mensen om mee af te spreken overvloedig. Bovendien heb ik tijdens mijn opdrachten vaak beperkt de tijd om te netwerken, terwijl tussen de opdrachten in, veel meer tijd beschikbaar is.

Dus komt de vraag: hoe kies ik, hoe manage ik mijn aandacht? Netwerken is geen activiteit die van A naar B leidt, het resultaat is niet te meten en dat hoeft ook niet. Maar dat maakt het wel een vage bedoeling. Na enig wikkelen wegen en soulsearching heb ik besloten dat ik het gewoon op gevoel blijf doen. En het me ook een beetje laat overkomen. Geen rationele overwegingen, geen koele berekeningen. Maar er van uitgaan dat het netwerk zo zijn eigen dynamiek heeft, die je op ondoorgrondelijke wijze toch brengt waar je om vraagt. Door mijn eigen interesses, door focus te brengen in dat wat ik vertel en door mijn activiteiten, komt er vanzelf een bepaalde structuur

Hoe kiezen jullie wie je aandacht krijgt?